Zout/ Natrium

Zout, een mineraal dat diverse honden- en kattenbaasjes het liefst niet zien in de voeding van hun harige viervoeter. Maar is dit terecht? Het FEDIAF (European Pet Food Industry Federation) heeft een minimaal benodigde hoeveelheid zout opgesteld voor zowel honden (0,1 g) als katten (0,08 g). Hoewel deze hoeveelheden erg laag zijn, toont dit aan dat honden en katten zout nodig hebben.
Zo hebben honden en katten zout nodig om de osmotische waarde in stand te houden met betrekking tot de extracellulaire vloeistof in de cellen. Daarnaast is natrium nodig om prikkels door te geven aan de zenuwcellen en is het nodig voor het samentrekken van de spieren. Maar natrium is ook nodig om de doorlaatbaarheid van de celmembranen te reguleren. Het is overigens wel zo dat grote hoeveelheden zout negatieve gevolgen kunnen hebben voor honden en katten. Zout in overmaat kan zou namelijk kunnen resulteren in hypertensie – een hoge bloeddruk.
Het vermoeden dat hoge gehaltes aan zout ervoor zorgen dat honden en katten een verhoogde bloeddruk krijgen is echter weerlegd. Uit onderzoek is gebleken dat dit niet waar is. Honden kregen gedurende een bepaalde periode verschillende gehaltes aan zout, de bloeddruk bleef bij alle honden echter gelijk. Dit toont aan dat een verhoogde gehalte aan zout, geen invloed heeft op de bloeddruk van de dieren.
Een andere functie van natrium is bijdragen aan de absorptie van bepaalde voedingsstoffen, suikers en aminozuren, in de dunne darm. Natrium kan de absorptie van calcium ook beïnvloeden en ook heeft het mineraal een invloed op de absorptie van de in water opneembare vitamines.

De opname van natrium vindt voor het grootste deel plaats in de dunne darm. Uitscheiding van het mineraal gebeurt met name via de urine, kleine hoeveelheden worden uitscheiden via de ontlasting of via transpiratie; omdat honden en katten in principe alleen kunnen zweten via de voetkussentjes, is het verlies via transpiratie bij deze dieren klein. Wanneer de opname van natrium laag is, is het lichaam in staat om het verlies van het mineraal via de urine minimaal te houden.
Bepaalde hormonen in het lichaam, Aldosteron en Antidiuretisch hormoon, zorgen ervoor dat de verhouding van natrium en kalium in het lichaam constant is. De behoefte aan natrium neemt toe tijdens de voortplanting, tijdens lactatie, bij hittestress en tijdens snelle groei.

Misverstand: er wordt vaak gedacht dat zout wordt toegevoegd aan honden- en kattenvoeding om de voeding aantrekkelijker te maken voor de dieren. Het toevoegen van zout heeft dan echter geen nut. Maar hoe komt dat dan? Uit onderzoek is gebleken dat honden relatief ongevoelig zijn voor zout in de voeding, de dieren laten geen voorkeur zien voor een voeding welke, veel, zout bevat. Dit komt doordat de smaakpapillen van honden en katten anders zijn dan die van mensen, de dieren hebben simpelweg geen voorkeur voor voedingen welke, hoge gehaltes, zout bevatten.

Bronnen
Beynen, A. (2017). Salt in dog foods. Petfood, 34-35.

Case, L. P., Daristotle, L., Hayek, M. G., & Raasch, M. F. (2011). Sodium. In L. P. Case, Canine and Feline Nutrition (p. 43). Missouri: Mosby Elsevier.

Hand, M. S., Thatcher, C. D., Remillard, R. L., Roudebusch, P., & Novotny, B. J. (2010). Small Animal Clinical Nutrition. Topeka: Mark Morris Institute.

Nguyen, P., Reynolds, B., Paßlack, Z. N., & Veray, V. (2016). Sodium in feline nutrition. Animal Physiology and Animal Nutrition, 403-420.

Strazzullo, P. (201). Sodium. Advances in Nutrition, 188-190.

Watson, T. (2010). Sodium - chloride, tripolyphosphate, or nitrite: do dogs really need salt? Veterinary Times, 1-6.